• ‘Een aspirientje tegen de filepijn’


    Een maquette lijkt deze foto wel, met wegen van grijs papier, lantaarnpalen uit paperclips en wollige bomen. Kleine veegjes suggereren dynamiek op de wirwar van snelwegen, maar toch lijkt het beeld bevroren en doodstil.


  • Op naar de leesbare straat


    Weg met borden, stoplichten en zebra’s. Die zorgen alleen voor schijnveiligheid. De veiligste kruising is een leeg plein, zeggen verlichte verkeerskundigen.


  • De Klomp lokt u de auto uit


    De NS opende vandaag het eerste transferium-nieuwe-stijl voor de uitdijende Randstad. Voorlopig kun je er nog geen uitsmijter eten.


  • Towards the Legible Street


    A new approach to traffic engineering emerges from Denmark and The Netherlands. Out go all the signs, traffic lights, kerbs and zebra crossings of traditional street design.


  • Tante Sidonia en verder


    Eindhoven is ten diepste een autostad, ze is het Los Angeles van Nederland. En nu krijgt ze net als haar Amerikaanse evenknie een downtown met wolkenkrabbers, die uitrijzen boven een zee van laagbouw.




  • Zij en ik hebben een simpele afspraak over bonnen: de overtreder betaalt. Als er een acceptgirokaart in de bus valt, worden de agenda’s tevoorschijn gehaald om te kijken of zij die dag de auto geeft gebruikt of ik.




  • Wastafels zijn van geglazuurd keramiek: hard, glad en koud. De properheid glimt je onverbiddelijk tegemoet. In garages en werkplaatsen staan nog weleens roestvrijstalen wasbakken, maar daaraan stoot je je minstens zo gemeen.




  • Ruim zevenduizend hoogspanningsmasten staan als prehistorische staketsels verspreid over Nederland. Ze lijken afkomstig uit een reusachtige meccanodoos: de ijle constructies bestaan bijna geheel uit hoekprofielen en bouten.




  • Glunderend giet Arnout Visser (35) rode azijn in de glazen kolom met olie. Azijn- en oliedruppels wervelen door elkaar en langzaam trekken de vloeistoffen zich terug op hun eigen helft, een strakke scheidslijn achterlatend.




  • ‘Och jongen’, zegt een bejaarde vrouw die bramen plukt onder het viaduct, ‘vroeger kon je hier zo ver kijken. Toen mijn zoon in dienst ging kon ik hem helemaal nawuiven.’




  • ‘En daarna begint het ware geluk: ik stap in en de trein verlaat het station’. Zo prijst Remco Campert de NS aan.De werkelijkheid van de forenzen in de ochtendspits ziet er iets anders uit: gedwee laten ze zich op propvolle balkons persen.




  • Ik vermoed dat de vermelding ‘advertorial’ is weggevallen bij het verhaal over de ANWB in nummer 21 van De Journalist. Het lijkt me namelijk uitgesloten dat het een onafhankelijk, journalistiek verhaal moet voorstellen.